Vastgoedwaardering - 6 waardebegrippen

Financiers en taxateurs gebruiken diverse begrippen bij de waardering van vastgoed. Hieronder vindt u 6 veelgebruikte begrippen en hun betekenis. Meer uitleg over deze begrippen, de berekenwijze en alle andere aspecten die spelen bij waardering van vastgoed leert u tijdens de cursus Vastgoedwaardering. Dé cursus die speciaal ontwikkeld is voor iedereen die op welke wijze dan ook betrokken is bij het investeren in vastgoed. 

1. Minimale financieringswaarde

De geschatte opbrengst (kosten koper), welke onder de op het moment van de taxatie geldende marktomstandigheden gerealiseerd kan worden, bij vrije verkoop aan een ‘willekeurige’ koper binnen een voor onderhavig object ‘beperkte’ verkooptermijn uitgaande van de in het rapport gestelde gebruikssituatie, daarbij rekening houdend met de huidige bestemming en gebruiksmogelijkheden, alsmede mogelijke (toekomstige) risico’s met betrekking tot locatie, gebruik (geschatte huurwaarde), verhuur, bouwkundige staat, onderhoudsstaat, wetgeving en bestemming. Dit met het oog op financiering voor de lange termijn.

2. Maximale financieringswaarde

De geschatte opbrengst (kosten koper), welke onder de op het moment van de taxatie geldende marktomstandigheden gerealiseerd kan worden, bij vrije verkoop aan de meest ‘gerede’ partij en binnen een voor onderhavig object ‘passende’ verkooptermijn uitgaande van de in het rapport gestelde gebruikssituatie, daarbij rekening houdend met de huidige bestemming en gebruiksmogelijkheden, alsmede mogelijke (toekomstige) risico’s met betrekking tot locatie, gebruik (geschatte huurwaarde), verhuur, bouwkundige staat, onderhoudsstaat, wetgeving en bestemming. Dit met het oog op financiering voor de lange termijn.

3. Discounted recovery value

De ‘discounted recovery value’ is de verwachte minimale totale netto contante waarde na uitwinning van alle zekerheden die betrekking hebben op de financiering met risicoparticipatie. De discounted recovery value is dus niet hetzelfde als executiewaarde of (minimale, of maximale) financieringswaarde.

4. Opinie verwachte opbrengst bij executoriale verkoop

Een waarde opinie ten behoeve van zekerheidstelling van leningen dient in overeenstemming te zijn met de IVCS (Valuation Application 2 (IVA2)). Volgens deze Standaarden, en daarmee ook De Royal Institution of Chartered Surveyors Valuation Standards, mag de Executiewaarde niet als waardebegrip worden toegepast omdat een aantal essentiële elementen uit het Marktwaarde begrip ontbreken en het de marktwaardebasis ontzegt: Er is géén sprake van een bereidwillige verkoper, veelal geen sprake van een goed geïnformeerde koper en/of behoorlijke marketing en is vaak wèl sprake van (enige vorm van) dwang.

5. Onderhandse verkoopwaarde in verhuurde staat (OVW)

De prijs die bij onderhandse verkoop bij aanbieding in verhuurde staat en op de voor de onroerende zaak meest geschikte wijze en na beste voorbereiding, door de meest biedende gegadigde, niet zijnde de huurder, zou zijn besteed.

6. Open Market Value (OMV)

Engelse term voor Onderhandse verkoopwaarde die veel gebruikt wordt bij syndicaten.

Meer uitleg over deze begrippen, de berekenwijze en alle andere aspecten die spelen bij de waardering van vastgoed?